
|
|
|
De Geleratie
door Wouter |
Mededelingen over verreden kilometers zijn veelal bedoeld om een indruk
te geven van de mogelijke prestaties. De veelvreters in het peloton zullen geen kans
voorbij laten gaan om te pochen met ODO, wetende dat ze hiermee bewondering en
vertwijfeling zullen oogsten. Anderen, die met minder kilometers moeten volstaan, zullen
proberen hun concurrentie zand in de ogen te strooien en hun kansen op een mooie uitslag
bagatelliseren.
Ik kan in dezen eerlijk zijn: de laatste tijd heb ik weinig kilometers gereden...
...wetende dat mijn tijd nog zal komen.
Minder kilometers in de benen betekent niet een algehele afkeer van het wielrennen.
Integendeel, ik heb de gelegenheid te baat genomen om mij grondig te verdiepen in de rijke
wielerhistorie. Menig naslagwerk, historische beschouwing en veel literatuur is de
afgelopen tijd bestudeerd. Zo ben ik tot de ontdekking gekomen dat ik uit een echte
rennersfamilie kom. Mijn over-overgrootvader en zijn broers waren getalenteerde
liefhebbers. Vergeelde kiekjes tonen de heren op racefietsen. Degene met de meeste
medailles is oom Herman. Uit de familieannalen blijkt dat hij een begenadigd renner is: |
|
 |
 |
"Herman van Koolbergen, geboren 1876 te Nieuwer Amstel was een eerste klas
amateur op de weg en won in 1896 de internationale wegwedstrijd Rotterdam-Utrecht vice
versa en behaalde daarmee de Java-beker en de zilveren beker van de burgemeester van
Rotterdam, welke beide bekers definitief in zijn bezit kwamen door het winnen van een 50
km wedstrijd op de Haagse Baan in 1897, toen de wegwedstrijden verboden waren. In 1896 won
hij ook nog een Bredania-beker (50 km wegwedstrijd) alsmede het kampioenschap van
Zuid-Holland. Hij was vooral in 1897 succesvol door het winnen van alle wegwedstrijden,
waaraan hij deelnam. Aan zijn laatste wedstrijd (Bergen op Zoom - Antwerpen Internationaal
met gangmaking) nam hij deel als toerist. Helaas gingen door inbraak en diefstal later
circa 50 medailles van hem verloren" |
|
Maar goed, ter zake. Recentelijk las ik een interview met LeBlanc. Hier
werd een beeld neergezet van de oude Lévitan als een persoon met een slechte zijde, zijn
zuiverheid liet nogal te wensen over. Zo had ik nog nooit naar de oude baas gekeken. Als
naïeve renner was ik altijd uitgegaan van zijn menselijke goedheid. De vertwijfeling, die
zich van mij meester maakte na het lezen van dit bericht, werd uit de wereld geholpen
tijdens de inspectie van de gezinsuitbreiding. Hierbij verkondigde de baas met eigen
woorden "streng maar niet rechtvaardig" te zijn. Om dit kracht bij te zetten,
werd mij onmiddellijk gesommeerd om de gele trui in te leveren.
In redelijkheid heb ik hier drie problemen mee:
- Zolang er geen nieuwe klassementsleider is, behoort de trui toe aan heersende
klassementsleider. Het voortijdig opeisen van de leiderstrui is niet gepast.
- Gezien de omstandigheden kan ik instemmen met een tijdelijke overdracht, bijvoorbeeld
het in depot geven, aan een onpartijdige persoon. Maar gezien de overduidelijke
belangenverstrengeling en de eerder opgemerkte onzuiverheid vraag ik mij oprecht af of
onze Lévitan de juiste persoon is om de leiderstrui tijdelijk te beheren. Als geen ander
weet hij immers welke mysterieuze krachten het bezit van de gele trui met zich meebrengen.
Competitievervalsing ligt hier op de loer.
- Een jaar lang heb ik het geel mogen koesteren. Vele nachten heb ik mij gehuld in het
geel en overgelaten aan zoete dromen. Het abrupte afscheid heeft bij mij diepe wonden
geslagen. Het lege gevoel is met geen pen te beschrijven. Vertwijfeld heb ik mij
afgevraagd wat ik zou moeten doen om dat wat mij lief is terug te krijgen.
De minder barmhartigen onder u zullen geen mededogen kennen en van mening zijn dat ik
dit over mijzelf heb afgeroepen.
Een goed renner weet immers wanneer hij er moet staan. Zelf zal ik de laatste zijn om dit
te bestrijden. Goed dan, ik ben groothartig: wat dat gegoochel met de gele trui betreft, u
ziet mij volgend jaar. |
|
En
daarbij moge ik de heren erop attent maken dat het wielrennen ook andere wetten kent, een
planning op de langere termijn, zeg maar. Het doet me goed te zien dat de slimste renners
nu al bezig zijn hun toekomst veilig te stellen.
Heren ik wens u veel succes de komende week, doe voorzichtig, wees "goed" voor
elkaar en moge de beste winnen. De toekomst lacht u tegemoet.
Boskoop, 18 juli 2001 |
 |
 |
|
|
|
|