Homepage

verhalen
Naar de homepage 
Stuur een reactie 
verhalen
Vechten om laatste te worden Winterkoers 1996
IJsselmeerronde 1994 Marmotta Marmotta Logistieke man
Tilff-Bastogne-Tilff 1992 Maastricht 1990 De Droom
Het geheim van de Izoard Mont Ventoux: een loeder
Het hol van de Vlo De Vlo wipt over de Ardenner côtes
Printversie van dit artikel 
Stuur dit artikel door per e-mail 

IJsselmeerronde 3 september 1994

(Voor het eerst verschenen in Les Nouvelles des Cévennes, 1994 nummer 4)
Minstens éénmaal per jaar neemt Il Animale het initiatief voor deze monstertocht (280 kilometer). En iedere keer slaagt hij erin renners te vinden die bereid zijn samen met hem de elementen te trotseren. Dit jaar is er zelfs sprake van een tweehoofdige leiding. Il Nero combineert zijn debuut in de IJsselmeerronde al direct met een gedeeld koersdirecteurschap. Een groot waagstuk. Lees in dit verslag hoe dat uitpakt.

Op vrijdagavond 2 september melden Il Animale, de Vlo, M. Conscience, Il Calmo en M. Lévitan zich bij Il Nero. De drie laatsten zijn uit Den Haag komen fietsen en hebben een nat pak gehaald. Zij worden door het zorgzame gastgezin in droge kleren gestoken. De hele groep wordt getracteerd op een verrukkelijke warme maaltijd, bereid onder leiding van Monique. De koers wordt uitgebreid voorbesproken. Voor een nieuw nat pak hoeven de renners niet bang te zijn. De weersverwachting is bijzonder gunstig. Uiteraard komt het gesprek ook op het rijden in een waaier. Hoe goed je elkaar zo door de wind kunt helpen. Vanzelfsprekend wordt Krabbé's verhaal "De ethiek van het laatste wiel" erbij gehaald.

De volgende ochtend om 5 uur springen de renners uit hun bedjes, die her en der in de gezellige flat van Monique en Il Nero zijn uitgespreid. De Vlo ligt ver bij iedereen vandaan, in de keuken, maar heeft toch kans gezien de gastvrouw met uitbundig gesnurk uit haar slaap te houden. Hij zal volgend jaar weer bij Il Animale op de rommelzolder moeten liggen. Kwart voor zeven zit het gezelschap goed geproviandeerd op de fiets. Want het is bij Il Nero en Monique "goed van eten en drinken".

Il Nero: droomdebuut in IJsselmeerronde 1994

Na 800 meter arriveert men al bijna geheel doorweekt in de Czaar Peterstraat om Il Animale op te halen. De door het KNMI beloofde droge dag zal pas om kwart over negen, iets voorbij Lelystad, beginnen. Net voor het verstrijken van het ultimatum van M. Conscience, die had aangekondigd dat hij na half tien niet meer in de regen op de fiets zou gaan zitten.

Il Calmo onderscheidt zich tijdens de eerste honderd kilometer door een record aantal lekke banden. Tijdens het depanneren van de vijfde, na 115 kilometer koers, wordt een bandenwissel toegepast. Dit blijkt een "gouden wissel". Il Calmo is definitief van zijn lekke bandenprobleem af. Later zal blijken dat er veel erger problemen bestaan. Tot de koffiestop in Lemmer (kilometer 110) wordt er weinig gedisciplineerd gekoerst. Dat kan men zich ook permitteren daar de wind nog geen grote rol speelt.

Anders wordt dat in Friesland, een van de fraaiste gedeeltes van de koers. Te beginnen met het Gaasterland. Daarna het gezellige Workum. Halfkoers. Van daaruit gaat het langs het IJsselmeerdijkje naar Makkum, het laatste plaatsje voor de Afsluitdijk. Hier bewijst Il Nero weer eens zijn meerwaarde: hij tracteert het gezelschap op een echte friese specialiteit: oranjekoeken. Het zonnetje is inmiddels gaan schijnen. Alles lijkt goed te komen. Ook op fiets toont Il Nero dat hij in zijn element is in deze omgeving. Met zijn krachtige en langdurige "overnames" doet hij in de waaier meer dan redelijkerwijs verwacht mag worden. Aan het begin van de Afsluitdijk besluit M. Conscience dit traject, ondanks de wind, alleen, in zijn eigen tempo, rijden. De vijf anderen vormen een waaier. Of, beter gezegd, gaan naast elkaar rijden, want de wind kom pal van rechts. Il Calmo heeft al snel problemen met het tempo. Hij kan maar net aanklampen, laat staan overnemen. Lijdzaam moet hij toezien hoe de anderen, in hun pogingen elkaar te imponeren, de snelheid steeds verder opvoeren. Bij Breezanddijk en het monument, als het fietspad even omhoog gaat en de luwte van de Noordzeedijk verdwijnt, moet Il Calmo lossen. Maar zijn koersmakkers zijn zo aardig even voor hem in te houden. Bij aankomst in Den Oever blijkt wat zijn vrienden met hun gewacht hebben aangericht. Il Calmo heeft naar eigen zeggen "duizend doden gestorven". Hij betreedt de huiskamer van de familie Kamperman pas nadat hij een kwartier op het kurkparket van de trap heeft zitten recupereren. Gesterkt door een paar lekkere koppen soep vervolgt de groep haar weg. Nog maar 95 kilometer tot Amsterdam. Even na Hoorn gaat voor Il Calmo definitief het licht uit. Hij moet, om met de Vlo te spreken "van slokdarm" en besluit de trein te nemen van Hoorn naar huis. Na dit gevoelige verlies vervolgen de anderen toch enigszins aangeslagen hun weg naar Amsterdam. Op de Schellingwouderbruggen laat Il Nero nog een keer zien dat hij absoluut de sterkste is vandaag. Om kwart voor tien wordt de thuisbasis bereikt. Aan de gastvrijheid van Monique lijkt ook al geen einde te komen. De renners krijgen nog een portie frieten uit de oven voorgeschoteld. Na deze lekkernij en een warme douche zitten M. Conscience en Il Animale al spoedig te knikkebollen op de bank.

De Vlo, M. Conscience en Lévitan pakken een late trein naar huis. Dan gaat ook Lévitan voor de bijl. Midden in een zin tuimelt hij in slaap.

In de week die volgt hebben de renners vier achtereenvolgende lunchpauzes in de Novib-kantine nodig om deze gedenkwaardige dag te analyseren. De schoonheid van het polderlandschap. De geheimen van het waaierrijden. En hoe fantastisch de anderen je kunnen helpen als het even wat minder gaat. Jaap en Jelle, we kunnen haast niet wachten op de volgende aflevering!

Lévitan.

Naar het begin van het artikel Uw privacy en die van ons