
|
|
|
Winterkoers 1996
Voor het eerst verteld door de Snok, op 7 juni 1997. |
"Hoe kijkt de Snok terug op de winterkoers van 21 december 1996?" vraagt
Lévitan zich af in de uitnodiging voor vandaag. Daar wil ik wel een paar woorden over
kwijt. In mijn ervaring was het een dag waarop records gevestigd werden. Nog nooit waren
de mannen zo ongedisciplineerd. Nog nooit kwamen ze via ten minste drie verschillende
routes bij hun vertrekpunt terug, wat op zich een wonder genoemd mag worden. Nog nooit had
het peloton zo veel tijd nodig voor het afleggen van een armetierige 54 kilometers. Het
meest gedenkwaardige moment van de dag was voor mij nog wel dat ik 's avonds een CD cadeau
kreeg, als dank "voor het uitzetten van de route".
Toen ik eergisteren, 's avonds na het eten, precies diezelfde armzalige 54 kilometer reed,
niet in de drieënhalf uur die het peloton toen nodig had, maar in een uur en veertig
minuten, kwam de dag me weer helder voor ogen. Het was een chaotisch ritje. Bij sommigen
onder ons blijft het poldervirus kennelijk ook in de winter door de aderen gieren, iets
waar ikzelf geen last van heb.
We waren de bebouwde kom nog niet uit, of de eerste ontsnapping was daar. De feuilles de
route, door mij op extra groot formaat uitgevoerd, vermochten niet te voorkomen dat tien
minuten later de eerste renners spoorloos waren. Na drie kwartier blauwbekken en het
systematisch uitkammen van de omgeving konden we weer verder. Toen we een krap half uur
later in de snackbar in Langbroek zaten, wist ik het zeker: Dit is niks voor mij. Mijn
benen moeten op temperatuur komen. Ik ben een mooi-weerfietser en ik heb de warme zomerzon
nodig.
Na deze geruststellende verklaring ging het meteen een stuk beter. Maar bij de eerste van
de twee hellingen die door mij in het parcours waren opgenomen, was het weer mis. Met een
snelheid die me aan de Redoute deed denken, kwam ik boven. Aan de andere kant van de
heuvelrug werd ik tot mijn geruststelling netjes opgewacht. Maar na de rug voor een tweede
maal moeizaam als laatste te hebben genomen, kreeg ik van mijn mederenners geen nieuwe
kans de verantwoordelijkheid te dragen voor het volgen van de juiste route. Toen ik
beneden kwam, was er geen fietsende ziel meer te bekennen. |
|
|
|
Vertrouwend
op het kaartleesvermogen van mijn mederenners fietste ik rustig verder. Zelfs
met bevroren oogbollen moest het ze lukken thuis te geraken. Na
een tijdje merkte ik dat ik steeds harder ging rijden. Ik
bereikte zowaar een snelheid van meer dan dertig kilometer per
uur. Zie je wel, dacht ik, als ik maar op toeren kom gaat het
best.
Ik reed flink door, maar nog kreeg ik niemand
in het vizier. En toen ik - nog steeds het officiële parcours
volgend - de contouren van Utrecht snel zag naderen, reed ik nog
steeds alleen. Ze hebben wel erg veel haast, dacht ik. In mijn
eigen warme huis aangekomen nam ik een warme douche en een warme
chocomel. Ze zullen zich wel afvragen waar ik blijf, dacht ik,
en draaide het nummer van Kees. Sylvia nam op.
'Nee, ze zijn er nog niet. Is alles wel goed?' 'Ze zullen
zo wel komen', zei ik ietwat voorzichtig. Even doemden schrikbeelden voor me op van
verdwaasde fietsers die wanhopig in hun bevroren bidons knepen, ieder voor zich aan het
ronddolen waren en ten slotte in het halfdonker in ijskoude sloten lagen te kreperen, nog
zachtjes 'Levitan, Levitan' prevelend. Maar toen ik een half uur later nog eens belde,
meldde Sylvia mij: 'Ze zijn net allemaal binnen.' Het was een wonder.
Dergelijke wonderen laten zich niet een tweede maal afdwingen. De volgende heuvelrugkoers
vindt dan ook plaats bij een iets hogere temperatuur, over twee weken, op zondag 22 juni.
Aanmelding graag voor de 21e juni. Het vertrek is om 11 uur stipt. Bij terugkomst zal er
eten en drinken zijn. Ik beloof in ieder geval dat we voor donker en zonder bevroren tenen
aankomen. Over de route denk ik nog na. Waarschijnlijk zal ik, om problemen te voorkomen,
deze niet in papieren vorm aan de deelnemers uitreiken, dus alvast een vriendelijk verzoek
allemaal achter mij aan te rijden. Zie maar dat je me bijhoudt.
Ik dank u.
De Snok. |
|
|
|
|